Het is tegen sluitingstijd. Ik ben de laatste. Als ik naar binnen keer, doet het museum dat ook. Minder, steeds minder. Gesprekken doven uit. Voetstappen doven uit. De mensheid trekt zich terug. Laat mij maar achter. Ik ben toch druk.
Counting the rice is een participatieve performance van performancekunstlegende Marina Abramović waarin bezoekers zelf onderdeel worden van het kunstwerk. Ze nemen plaats aan een tafel, zetten een noise-cancelling koptelefoon op en krijgen de opdracht om gedurende een uur rijstkorrels en linzen te sorteren en te tellen. Abramović beschouwt het werk als een mentale en fysieke oefening in concentratie, uithoudingsvermogen en zelfbeheersing. Belangrijk is dat het proces centraal staat, niet het resultaat. Het doel is niet om de rijst volledig te tellen, maar om aandachtig aanwezig te zijn in het moment. Daarmee wordt de performance een radicale vorm van vertraging.
Wat zijn die korreltjes klein.
Papier.
Wat schrijf ik op?
Wat moet ik doen?
Linzen. Die zijn groter. Één, twee, drie.
Ik hoor ze praten, dwars door die koptelefoon heen.
Wat zit die jas irritant.
Het is warm hier.
Wacht. Ik tel gewoon de linzen.
De tentoonstelling ‘Stilte in de storm’ in Museum Voorlinden in Wassenaar is een contemplatieve route langs kunstwerken uit de collectie. De tentoonstelling brengt werken samen van internationale kunstenaars zoals Anish Kapoor, Marina Abramović (Counting the rice), Massimo Bartolini en Arturo Hernández Alcázar. Gezamenlijk tonen zij hoe stilte kan fungeren als tegenkracht tegen de storm van prikkels, informatie en maatschappelijke onrust. Maar ook als katalysator van lucht, leegte en ruimte. Lucht die ruimte schept voor stilte en contemplatie. De tentoonstelling is geen verzameling van losse kunstwerken in het thema, maar vormt een route. Van storm naar stilte. Van onrust naar contemplatie. Van chaos en dreiging naar lucht en ruimte. En dat in een wereld die onrustig, snel en overweldigend is. Stilte als tegenkracht voor storm.

250. Waar laat ik ze nu?
Moet ik het natellen? Gaat iemand het controleren?
Die jas zit eigenlijk best oké.
Hebben ze de airco nou aangezet? Het voelt minder warm.
Ik hoor geen stemmen meer.
Ik zie nog wel wat voeten in m’n ooghoeken voorbij schuiven.
Ik leg ze wel daar in het hoekje neer. Dan heb ik ruimte om verder te tellen.
De tentoonstelling begint met de installatie Black Kites (2010-2012) van de Mexicaanse kunstenaar Arturo Hernández Alcázar. Zwarte vliegers lijken als een zwerm vogels in de ruimte te zweven. Als voorbode van ellende. Een lucht geladen met onheil. Daarom is het ook het eerste werk van de tentoonstelling. Hier sta je als toeschouwer nog vol in de storm. Duister, onheilspellend en tegelijk volkomen stil. Niks beweegt. Alles staat stil. Een soort bevroren staat van zijn. Een gestolde crisis. Zelfs de lucht, waar de vogels in zweven, beweegt niet.
500. Dat beton zit best lekker
Hoe laat is het? Ben ik al bijna klaar?
Ik hoor niemand meer.
Zijn ze me vergeten?

Wat blijft er over als alle ruis verdwenen is? In het werk L’Addition van Elmgreen & Dragset (2025) staat een mensfiguur – uitgerust met rugzak en slaapmat – in een eindeloos wit landschap. Onduidelijk waar hij vandaan komt. Geen idee waarnaartoe. De sneeuw wist alle contouren uit. de overgang tussen lucht en aarde vervaagt, geluid lijkt gedempt, en de omgeving is vrijwel leeg. Geen drukte, geen geschiedenis, geen toekomst. Volledig op zichzelf aangewezen. Los van alles. Extreme stilte. Waar je nog kunt bedenken dat er wind is, of ijzige kou. Het is stil. Oorverdovend stil. Overal waar je kijkt is het wit. Lucht en aarde in perfecte harmonie.
750. Ik ben er wel klaar mee, geloof ik.
Het is echt niks voor mij en Abramović kan de pot op.
Mijn innerlijke zelf? Verstilling? Contemplatie? Concentratie? Ga toch weg!
Ik krijg een houten kont van dit bankje. En die labjas is ook een lachertje.
Pleur op met je linzen en je rijst.
De lucht, dreigend met vogels en vliegers. De lucht zo wit als de aarde. De grenzen zijn vervaagd. Overal zit lucht in. Lucht lijkt in alle werken te gelden als een voorwaarde voor stilte en aandacht. De lucht wordt voelbaar: niet als iets neutraals, maar als een ruimte waarin betekenis ontstaat. Stilte schept ruimte. Het geeft ruimte voor reflectie en nieuwe inzichten. Lucht als een tegenkracht, tegen de storm van prikkels en onrust. Waar de storm staat voor drukte en overbelasting, staat lucht voor openheid en vertraging. Lucht als onzichtbare drager: een ruimte – zowel fysiek als mentaal – waarin de bezoeker tot rust kan komen en opnieuw kan leren kijken, denken en voelen.
Ik ben de laatste. Gesprekken zijn uitgedoofd. Voetstappen ook. De mensheid heeft zich teruggetrokken. Ze lieten mij achter. Uit de drukte.
‘Meneer, uw tijd is om.’
Er staan nog wat mensen. De wereld is er nog. En nog even erg als hij was. Daar hebben ze mij niet voor nodig. Alle stilte is weg. Alle lucht is verdwenen. Er is ruimte. Of in ieder geval was dat er voor even.
1000 linzen. De rest is rijst.
Lucht en stilte. De rest is ruis.
Museum Voorlinden – Stilte in de storm. Nog te zien t/m 23 augustus
Dit stuk verscheen eerder in Mondig 3
Tekst: Kalle Brüsewitz
Beeld: Mirjam Goosens (Marina Abramovic, Counting the Rice, 2014 (Collectie Museum Voorlinden))